Psalms 100

Psalmen 100

1Een lofzang. Gij ganse aarde! juicht den  Heere. 2Dient den  Heere met blijdschap, komt voor Zijn aanschijn met vrolijk gezang. 3Weet, dat de  Heere is God; Hij heeft ons gemaakt (en niet wij), Zijn volk en de schapen Zijner weide. 4Gaat in tot Zijn poorten met lof, in Zijn voorhoven met lofgezang; looft Hem, prijst Zijn Naam. 5Want de  Heere is goed; Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid, en Zijn getrouwheid van geslacht tot geslacht.
Copyright information for DutSVV