1 Kings 5:17-18

31) kostelijke stenen,

Versta niet edelgesteenten, die ook aldus genoemd worden, onder, 1 Kon. 10:2,10, maar die van fatsoen en grootte zeer uitnemend waren.

1Ki 10.2,10
32) de Giblieten

Eniger gevoelen is, dat dezen zijn geweest de inwoners der stad Gebal.

1 Kings 6:7

22) volmaakten steen,

Dat is, die tevoren tot het werk volkomenlijk bereid was, hetwelk ook van het hout is gezegd, boven, 1 Kon. 5:18.

1Ki 5.18

23) zoals dezelve toegevoerd was,

Hebreeuws, der toevoering; dat is, met steen, zoals die daar aangevoerd kwam.

Matthew 24:2

3) niet [een] steen op den [anderen] steen gelaten worden,

Grieks, steen op steen niet gelaten worden.

4) afgebroken zal worden.

Grieks, losgemaakt.

Luke 19:44

40) kinderen in u;

Dat is, inwoners, gelijk Matth. 23:37.

Mt 23.37

41) den tijd uwer bezoeking niet bekend hebt.

Namelijk in welke u door de predikatie des Evangelies de genade Gods nu wordt aangeboden.

Copyright information for DutKant