1 Timothy 4:4-5
4Want alle schepsel Gods is goed, en er is niets verwerpelijk, met dankzegging genomen zijnde; ▼▼ niets verwerpelijk, Namelijk in zich zelf, ten tijde des Nieuwen Testaments, nu het onderscheid der spijzen is weggenomen. Zie
Act 10:15.
5Want het wordt geheiligd door het Woord van God, en door het gebed. ▼▼ geheiligd Dat is, tot een recht en heilig gebruik gericht of bekwaam gemaakt, gelijk
1Co 7:14.
,
▼▼ door het Woord Dat is, door de verklaring, die ons Gods woord daarvan geeft. Zie
Tit 1:15.
,
▼▼ het gebed Namelijk dat het ons tot gezondheid en zegen moge gedijen waaronder ook de dankzegging wordt begrepen. Zie
Mat 15:36;
Joh 6:11.