‏ Amos 3:3

3Zullen twee te zamen wandelen, tenzij dat zij bijeengekomen zijn?
 Zullen twee te zamen wandelen, God stelt hier zijn volk door verscheidene gelijkenissen voor dat de profeten recht hadden om hun straffen, dreigen en allerlei plagen te voorzeggen; en dat tot waarschuwing, om het aanstaande kwaad door bekering te ontgaan: alzo het geen ijdele dreigementen waren.
,
 tenzij dat zij bijeengekomen zijn? Anders: tenzij dat zij overeen gekomen zijn. Ik en mijn getrouwe dienstknechten [wil God zeggen], wij zijn het eens, [zie Hos 9:8 ; Mal 2:6 ] , en gij zult het met mij en mijne profeten moeten eens worden, zo gij wilt dat Ik uw vriend en leidsman zij, anders zal Ik u moeten verlaten.
Copyright information for DutSVVA