‏ Ezekiel 10:18-19

18Toen ging de heerlijkheid des Heeren van boven den dorpel des huizes weg, en stond boven de cherubs.
 de heerlijkheid des HEEREN Dat is, God, die heerlijk is. Zie boven Eze 1:28 .
,
 van boven den dorpel des huizes weg, Te weten waarop zij tevoren van de cherubim gekomen was. Zie boven vs.4, en de aantekening.
,
 stond boven de cherubs Of, stelde hen.
19En de cherubs hieven hun vleugelen op, en verhieven zich van de aarde omhoog voor mijn ogen, als zij uitgingen; en de raderen waren tegenover hen; en elkeen stond aan de deur der Oostpoort van het huis des Heeren; en de heerlijkheid des Gods Israëls was van boven over hen.
 voor mijn ogen, Dat is, dat ik het aanzag, te weten met de ogen mijns geestes, zijnde in optrekking der zinnen.
,
 tegenover hen; Of, nevens hen.
,
 stond aan de deur Of, bleef staan.
,
 der Oostpoort Of, voorste poort. Sommigen verstaan door deze poort de poort van het voorhof der priesters; anderen de poort van het voorhof des volks. Dit betekende dat God eindelijk ten enenmale uit zijn huis verhuizen zou. Vergelijk boven de aantekening Eze 9:3 , en in vs.4.
,
 hen Namelijk over de cherubim.
Copyright information for DutSVVA