‏ Isaiah 1:4

4Wee het zondige volk, het volk van zware ongerechtigheid, het zaad der boosdoeners, de verdervende kinderen! Zij hebben den Heere verlaten, zij hebben den Heilige Israëls gelasterd, zij hebben zich vervreemd, wijkende achterwaarts.
 het zondige Dat is, het volk, dat zich geheellijk tot zondigen heeft overgegeven.
,
 van zware Hebreeuws, dat zwaar is van ongerechtigheid; dat is, hetwelk zwaarlijk met vele zonden beladen is.
,
 het zaad Dat is, degenen, die gegenereerd zijn van boosaardige ouders, zijnde derhalve kwaad ei, kwaad kieken; vergelijk Mat 3:7 .
,
 de verdervende De zondaars bederven zichzelven, hunnen weg en al wat zij kunnen; zie Gen 6:12 ; Pro 6:32 , enz.
,
  Heilige Israëls Dat is, den waren God, die zich Israël heeft geopenbaard; gelijk Psa 71:22 .
,
 gelasterd, Anders: getergd, veracht.
,
 zich vervreemd, Te weten, van den Heere; Eze 14:5 .
Copyright information for DutSVVA