Psalms 6:5
5[06:6] Want in den dood is Uwer geen gedachtenis; wie zal U loven in het graf? ▼▼ geen De zin is: De gestorvenen kunnen Gods naam in zijne gemeente op aarde niet grootmaken, waarin nochthans God een zonderlingen welgevallen heeft, en dat David voorhad, naar zijne wijze, openlijk tot Gods eer en stichting zijner gemeente te doen, als hij van deze krankte zou verlost zijn. Verg. Psa 30:10 , en Psa 88:11 , en Psa 115:17 ; Psa 118:17 ; Isa 38:18-19 , en zie wijders Job 7:8 .
Copyright information for
DutSVVA