Psalms 91:1-2
1Die in de schuilplaats des Allerhoogsten is gezeten, die zal vernachten in de schaduw des Almachtigen. ▼
,
▼▼ des Almachtigen Van het woord Schaddai, hetwelk in het Hebr. staat, zie
Gen 17:1 .
2Ik zal tot den Heere zeggen: Mijn Toevlucht en mijn Burg! mijn God, op Welken ik vertrouw! ▼▼ Ik zal tot Of, ik zeg van den HEERE.