Romans 4:13
13Want de belofte is niet door de wet aan Abraham of zijn zaad geschied, namelijk, dat hij een erfgenaam der wereld zou zijn, maar door de rechtvaardigheid des geloofs. ▼▼ door de wet aan Abraham Dat is, door de onderhouding der wet. Hier brengt Paulus nog een andere reden voort om te bewijzen dat Abraham niet is gerechtvaardigd uit de werken; want anders zou de belofte aan Abraham gedaan, namelijk dat hij met zijn zaad een erfgenaam der wereld zou zijn, tevergeefs gegeven wezen. Want de wet werkt toorn en geeft de erve niet, omdat zij door het vlees verzwakt is; Rom 8:3 .
,
▼▼ een erfgenaam der wereld zou zijn, Hier wordt gezien òf op de belofte aan Abraham gedaan, op denzelfden tijd als deze getuigenis van zijne rechtvaardigheid uit het geloof is gegeven; Gen 16:6-8 ; namelijk van de bezitting van het land Kanaän, hetwelk een voorbeeld was van de eeuwige rust der gelovigen in den hemel, waarvan de apostel hier spreekt, Heb 4:3 , en Heb 11:9-10 ; òf op een andere belofte, die uitgedrukt staat Gen 22:17-18 , nadat hij zijnen zoon heeft willen opofferen, namelijk dat alle geslachten der aarde in zijn zaad zullen gezegend worden. Want Abraham, als een vader aller gelovigen, is van God in de erve van de geestelijke wereld gesteld, waarvan al zijn geestelijke kinderen, de gelovigen ook hun deel door Christus, het beloofde zaad, zullen ontvangen; Psa 2:8 ; Heb 2:5 .
Copyright information for
DutSVVA