‏ 1 Samuel 21:2

2En David zeide tot den priester Achimelech: De koning heeft mij een zaak bevolen, en zeide tot mij: Laat niemand iets van de zaak weten, om dewelke ik u gezonden heb, en die ik u geboden heb; den jongelingen nu heb ik de plaats van zulk een te kennen gegeven.
 koning heeft mij een zaak bevolen, Dit is een leugen, uit menselijke zwakheid gesproten, om de rechte oorzaak zijner vlucht te bedekken. Zie Exo 1:19.
,
 den jongelingen Dat is, de mannen, die mij van den koning bijgevoegd zijn.
,
 zulk een te kennen gegeven Hebreeuws, Peloni Almoni. Zie Rth 4:1. Anders, op de plaats van N.N. bescheiden. Anders, op de plaats van een zo en zo genoemd.
Copyright information for DutSVVA