1 Timothy 6:1
1De dienstknechten, zovelen als er onder het juk zijn, zullen hun heren alle eer waardig achten, opdat de Naam van God, en de leer niet gelasterd worde. ▼▼ het juk zijn, Dat is, slavernij of dienstbaarheid, welke een juk wordt genoemd, om de zwaarte en lastigheid daarvan in die tijden.
,
▼▼ niet gelasterd worde Namelijk alsof de Christelijke godsdienst de dienstknechten of slaven, onder den dekmantel van de christelijke vrijheid, aan hunne heren onttrok of van hunne gehoorzaamheid, ondanks dat zij hunne heren zijn, losmaakte.
Copyright information for
DutSVVA