‏ 2 Chronicles 35:24-25

24En zijn knechten namen hem weg van den wagen, en voerden hem op den tweeden wagen, dien hij had, en brachten hem te Jeruzalem; en hij stierf, en werd begraven in de graven zijner vaderen; en gans Juda en Jeruzalem bedreven rouw over Josia.
 graven zijner vaderen; Dat is, in een derzelve. Zie Gen 19:29 . Of, onder de graven zijner vaderen.
,
 bedreven Vergelijk Gen 23:2 , en de aantekening.
25En Jeremia maakte een klaaglied over Josia; desgelijks alle zangers en zangeressen spraken in hun klaagliederen van Josia, tot op dezen dag; want zij gaven ze tot een inzetting in Israël; en ziet, zij zijn geschreven in de klaagliederen.
 klaaglied Dit beschreven is geweest; opdat de mensen, dat lezende, zich gewennen zouden den ellendigen en zeer droevigen staat van dat koninkrijk te overleggen en de oorzaak daarvan te beklagen, zich te beteren en God om genade te bidden.
,
 tot op dezen dag; Dat is, welke duren tot op dezen dag, in welken dit geschreven is.
,
 tot een inzetting Te weten, opdat zij jaarlijks zouden gezongen worden.
,
 in de klaagliederen Zie van dit klagen ook Zec 12:11 .
,
 klaagliederen Sommigen verstaan dit van de Klaagliederen van Jeremia, in welke niet alleen de finale verwoesting van Jeruzalem wordt beklaagd, maar ook al het verdriet en de ellendigheden, die over de stad en over het land gekomen zijn; waarvan het begin was de dood van dezen godvruchtigen koning.
Copyright information for DutSVVA