Genesis 47:31
31En hij zeide: Zweer mij! en hij zwoer hem. En Israël boog zich ten hoofde van het bed. ▼▼ hij zeide Namelijk, Jakob.
,
▼▼ hij zwoer Namelijk, JoZEf.
,
▼▼ boog zich Te weten, voor den Heere; dat is, hij riep God aan, hem dankende voor de versterking zijns geloofs, die hij uit Jozefs belofte en eed verkregen had.
,
▼▼ ten hoofde Vanwege zijn zwakheid in het bed zittende, en niet kunnende opstaan, om staande of knielende te bidden.
Copyright information for
DutSVVA