Job 39:28
28[039:31] Hij woont en vernacht in de steenrots, op de scherpte der steenrots en der vaste plaats. ▼▼ scherpte Hebreeuws, op den tand. Zo noemen de Hebreën de uitstekende hoogten der steenrotsen, die niet beklimbaar zijn. Zie
1Sa 14:4 .