‏ Jonah 1:9

9En hij zeide tot hen: Ik ben een Hebreër; en ik vreze den Heere, den God des hemels, Die de zee en het droge gemaakt heeft.
  Ik ben een Hebreër Zie Gen 10:21 .
,
 des hemels Die zijn troon en woonplaats gezegd wordt te hebben in den hemel, omdat Hij aldaar zijn goddelijke majesteit vertoont; of die de hemelen gemaakt heeft.
,
 die de zee Ook deze, waar wij in varen.
,
 het droge Dat is, de aarde; zie Gen 1:9 , Gen 1:10 .
Copyright information for DutSVVA